Het CLV wil met het onderwijs in de havo leerlingen het vertrouwen geven, dat ze in staat zijn tot het leveren van goede prestaties. Vanuit een goede relatie met de docent is een havo-leerling tot veel in staat. De havo-leerling leert graag vanuit het boek, maar leert ook graag door te doen. Afwisseling van werkvormen in de les zijn daarom van groot belang.
Als het even niet duidelijk is hoe de leerling verder moet, zal een zetje in de goede richting door docent en/of medeleerling bijdragen aan een goed vervolg. Regelmatige terugkoppeling of het geleerde begrepen wordt en of het werk goed gedaan is, met een beloning, motiveert de leerling verder te gaan met de leerstof.
Vanaf klas 2 wordt niet alleen aandacht besteed aan kennisoverdracht, maar ook aan vaardigheden die van belang zijn voor een goede aansluiting op het hoger beroepsonderwijs (hbo). Zoals samenwerken, huiswerk plannen, reflecteren op eigen gedrag en informatie kunnen zoeken en verwerken.